Ga naar hoofdinhoud

Gebruikersonderzoek

Bij de ontwikkeling van Mijn Betaaloverzicht worden de mensen voor wie de dienst is bedoeld direct betrokken. Het team voert doorlopend onderzoek uit om de dienst stap voor stap te testen, aan te passen en te verbeteren. Zo sluit de dienst naadloos aan bij de behoeften, mogelijkheden en leefwereld van toekomstige gebruikers.

Om te begrijpen wat een burger precies wil bereiken zodra hij zijn financiën inziet, wordt gewerkt met de Jobs-to-be-Done (JTBD) methodiek. Deze benadering kijkt niet alleen naar wie de gebruiker is, maar vooral naar de specifieke 'taak' of het 'probleem' waarvoor iemand een dienst gebruikt. Daarbij is er aandacht voor zowel functionele taken (zoals het direct voldoen van een rekening) als emotionele en sociale behoeftes (zoals het ervaren van rust, grip of de bevestiging dat "het goed zit").

Hoe onderzoek de keuzes stuurt​

Gebruikersonderzoek is geen afvinklijstje achteraf, maar een continue sturende factor. Een concreet voorbeeld hiervan is de naamgeving van de dienst. In een eerdere fase werd het project ontwikkeld onder de werknaam ‘Vorderingenoverzicht Rijk’. Uit antropologisch en etnografisch veldwerk blijkt dat de 'systeemtaal' van de overheid schuurt met de 'leefwereld' van de burger. Begrippen als 'vordering' of 'legaliseren' roepen institutionalistische afstand en angst op. Door taal aan te sluiten op de dagelijkse praktijk van mensen, wordt de drempel om regie te nemen zo laag mogelijk gemaakt. Samen met burgers is gezocht naar een naam die helder en uitnodigend is. Zo is Mijn Betaaloverzicht ontstaan: begrijpelijk, beschrijvend en direct duidelijk.

Gebruikersonderzoek in de praktijk waarbij keuzes in de interface worden voorgelegd
Figuur 1: Gebruikersonderzoek stuurt continu de ontwerp- en taal-keuzes.

Onderscheid in gebruikscontexten​

Mijn Betaaloverzicht is straks beschikbaar voor iedere Nederlander met een BSN. Omdat financiële situaties, achtergronden en digitale vaardigheden sterk per persoon verschillen, wordt de dienst doorlopend getest. Bij de werving van deelnemers wordt bewust naar variatie gezocht: denk aan verschillen in leeftijd (van jongvolwassenen tot en met gepensioneerden), opleidingsniveau, mannen/vrouwen en hoe handig iemand is met de smartphone.

Om te zorgen dat Mijn Betaaloverzicht voor iedereen werkt, worden de onderzoeken verdeeld over drie specifieke gebruikscontexten (afgeleid uit de Jobs-to-be-Done):

  • Burger met grip: Inwoners die hun financiële administratie en digitale overheidszaken zelfstandig en moeiteloos afhandelen. Zij hebben vooral behoefte aan de bevestiging dat alles klopt ("weten dat het goed zit").
  • Burger met (tijdelijk) verminderde grip: Inwoners die door omstandigheden, laaggeletterdheid, financiële spanningen of een ingewikkelde schuldpositie extra ondersteuning zoeken om weer overzicht en rust te ervaren ("van de stress af komen").
  • Helpers en ondersteuners: Professionals en vrijwilligers (zoals schuldhulpverleners, bewindvoerders, sociaal raadslieden of mantelzorgers) die burgers bijstaan in hun administratie en hen begeleiden naar financiële stabiliteit.

Wil je meer weten over de specifieke Jobs-to-be-Done en handelingsperspectieven per gebruikscontext? Bekijk dan Onderzoeksresultaten & archief of download direct de PDF.

Relevantie in verschillende financiële situaties​

De waarde van Mijn Betaaloverzicht verschuift mee met de situatie waarin een burger zich bevindt. Waar de een de app gebruikt voor een snelle check ("alles makkelijk kunnen betalen"), zoekt de ander houvast bij het ontstaan van de eerste achterstanden.

In het onderzoek wordt getoetst hoe de dienst mee beweegt op de glijdende schaal tussen burgerautonomie (zelf regie houden) en zorgplicht (escalatie en repressie voorkomen):

De glijdende schaal tussen autonomie van de burger en zorgplicht of repressie van de overheid
Figuur 2: De glijdende schaal tussen autonomie/grip en zorgplicht/repressie in verschillende financiële situaties.
  • In een stabiele situatie (Hoge autonomie): De focus ligt op gemak en de bevestiging dat alles voldaan is ("weten dat het goed zit").
  • Bij het ontstaan van achterstanden: De app helpt escalatie te voorkomen door overzicht te bieden en drempels voor actie (zoals het treffen van een betalingsregeling) te verlagen.
  • Bij complexe schulden of beslaglegging (Hoge zorgplicht/repressie): Wanneer overheidsorganisaties invorderingsmaatregelen nemen (zoals loonbeslag of de Wettelijke schuldsanering natuurlijke personen WSNP), helpt de app de burger én de hulpverlener om snel de totale omvang van de problematiek in kaart te brengen.

Het testen in verschillende fases van dit spectrum zorgt ervoor dat de interface in elke context de juiste toon en de juiste handelingsperspectieven biedt.

Om een realistisch en representatief beeld te krijgen, worden deelnemers soms direct op straat geworven en worden mensen opgezocht in hun eigen vertrouwde omgeving. Vrijwel elke gemeente in Nederland kent inlooplocaties waar inwoners terecht kunnen met financiële of digitale vragen, zoals buurthuizen, bibliotheken en gemeentehuizen. Het team sluit geregeld aan op deze spreekuren om ter plekke met bezoekers en hulpverleners in gesprek te gaan en het ontwerp voor te leggen. Inmiddels is vrijwel elke provincie van Nederland bezocht. Zo wordt de dienst getest op de plek waar mensen daadwerkelijk hun administratie doen of hulp zoeken. Door onderzoek te doen op fysieke inloopspreekuur-locaties in kwetsbare wijken wordt niet alleen geobserveerd wat mensen op het scherm doen, maar wordt ook de emotionele en sociale dynamiek opgevangen: de schaamte, het papierwerk op tafel, en de rol van de formele én informele helper.

Veldonderzoek en interview op locatie in een bibliotheek
Figuur 3: Veldonderzoek op inlooplocaties zoals bibliotheken en buurthuizen.

Mixed-methods aanpak en antropologische insteek​

In het onderzoek wordt verder gekeken dan alleen scherminteracties en klikpaden. Het team onderzoekt de totale leefwereld en de sociale context van de burger. Geldzorgen en overheidspost staan namelijk nooit op zichzelf; ze zijn verknoopt met ingrijpende levensgebeurtenissen, digitale vaardigheden en vertrouwen in de overheid.

De aanpak combineert:

  • Kwalitatieve diepte-interviews: Verdiepende gesprekken over de logica van het eigen huishoudboekje en de emotionele beleving van overheidspost.
  • Etnografische observatie: Observatie op locatie (zoals inloopspreekuren in bibliotheken) van hoe burgers, met of zonder hulpverlener, hun administratie ordenen en waar frictie ontstaat.
  • Contextuele taken en scenario-testen: Het voorleggen van herkenbare situaties in prototypes (bijv. "hoe zoek je uit wat je deze maand aan DUO moet betalen?").
  • A/B-variantentesten: Het voorleggen van verschillende ontwerp- en taalvarianten om te zien welk begrippenkader de meeste rust en herkenning geeft.

Steekproefgrootte, verzadiging en iteratief ontwerpen​

Per testronde spreekt het team minimaal 5 tot 10 deelnemers. Dit is een bewuste en onderbouwde keuze, gebaseerd op het bekende onderzoek van UX-pionier Jakob Nielsen (Nielsen Norman Group). Uit dit onderzoek blijkt dat het testen met 5 gebruikers al tot 85% van de bruikbaarheidsproblemen in een ontwerp aan het licht brengt (Nielsen, J., "Why You Only Need to Test with 5 Users", 2000). Zodra de antwoorden en observaties verzadigd raken, en er dus weinig nieuwe knelpunten naar voren komen, gaat het team met de verzamelde data terug naar de tekentafel. Daarbij volgt de afweging of er een nieuwe iteratie nodig is in het ontwerp, óf dat een functionaliteit volwassen genoeg is om door het ontwikkelteam gebouwd te worden.

Fases in het onderzoek en testen​

Het testen en doorontwikkelen van Mijn Betaaloverzicht verloopt via een stapsgewijze aanpak:

  1. Conceptfase: Verkennen van behoeften, drempels en ideeën met burgers en experts.
  2. Ontwerpfase: Testen van eerste schetsen, schermontwerpen en interactieve prototypes op gebruiksvriendelijkheid en begrijpelijkheid.
  3. Bouwfase: Toetsen van reeds gebouwde functionaliteiten en technische interacties in een afgeschermde testomgeving met testdata.
  4. Friends & Family: Beproeving met echte data op uitnodiging (mijn-betaaloverzicht.nl/testfase). Deelnemers proberen de dienst uit met hun eigen gegevens. In deze fase sluiten aangesloten organisaties stapsgewijs aan, waardoor het overzicht gaandeweg completer wordt.
  5. Brede uitrol en continu onderzoek: Zodra de dienst voldoende waarde biedt en technisch stabiel is, volgt de uitrol voor het brede publiek. Ook na de livegang blijft het gebruikersonderzoek doorlopen om te blijven leren en verbeteren.

Afweging van inzichten​

Gebruikersonderzoek helpt om knelpunten te ontdekken en te begrijpen wat burgers en hulpverleners nodig hebben. Een wens uit een testronde is echter geen automatische bouwopdracht. Bij elke ontwerpkeuze wordt de balans gezocht tussen de behoefte van de gebruiker, technische haalbaarheid en wat organisatorisch realistisch is op korte termijn.

Inzichten die niet direct in de app worden verwerkt, gaan niet verloren. Ze worden gebruikt in gesprekken met aangesloten en toekomstige partners én als input voor vervolgverkenningen. Een goed voorbeeld is de veelgestelde vraag of ook gemeenten, waterschappen, provincies en particuliere partijen (zoals zorgverzekeraars) in het overzicht kunnen. Om de dienst betrouwbaar en beheersbaar op te bouwen, ligt de focus primair op de CRI-partners (o.a. Belastingdienst, DUO, CAK en CJIB). Uitbreidingen worden stapsgewijs verkend: de techniek achter Mijn Betaaloverzicht is geschikt voor bredere aansluiting, maar livegang gebeurt stap voor stap.

Kortom: gebruikersonderzoek legt behoeften en fricties bloot; samen met het team en de betrokken organisaties wordt afgewogen wat haalbaar, veilig en proportioneel is binnen het overheidsstelsel. Zo werken alle betrokkenen, inclusief burgers, samen aan een betrouwbare en waardevolle publieke dienst.